Sodiwe
Hoofdkantoor: 015 65 10 10
Mijn sodiweAanmelden

STEUNMAATREGELEN VOOR WERKGEVERS Terug

(laatste aanpassing 16/02/2021 – 15:50)

Nieuw. Op vrijdag 12 februari 2021 besliste de federale regering om een aantal nieuwe steunmaatregelen te lanceren alsook om een aantal bestaande steunmaatregelen te verlengen. Specifiek met betrekking tot steunmaatregelen voor werkgevers gaat het over:

  • De verlenging van de vereenvoudigde procedure voor tijdelijke werkloosheid wegens overmacht corona tot en met 30 juni 2021.
  • In de sector van de dienstencheques en het schooltransport kan tijdelijke werkloosheid nu ook in halve dagen worden opgenomen.
  • Voor het vierde kwartaal van 2020 en het eerste kwartaal van 2021 gold reeds dat de uren die een student presteerde in de zorg en in het onderwijs niet meetellen voor het contingent van 475 uur. Dit wordt nu verlengd tot 30 juni 2021.
  • Het quotum van 220 (100+ 120) vrijwillige overuren in de essentiële diensten en de cruciale sectoren wordt verlengd tot 30 juni 2021. Werkgevers uit deze sectoren zullen het extra contingent van 120 'netto' bijkomende vrijwillige overuren ook in het tweede kwartaal kunnen benutten. Wellicht gaat het hier over een maximum van 120 overuren en niet over bijkomende overuren in het tweede kwartaal van 2021.
  • Tijdelijk werklozen mogen in de land- en tuinbouw, het onderwijs en de zorgsector werken, met behoud van 75% van hun werkloosheidsuitkering.
  • Tijdens de maanden april, mei en juni kan u als werkgever een verhoogde thuiswerkvergoeding aan uw werknemers van 144,31 euro toekennen. Deze is vrij van RSZ en belastingen.
  • Om de heropening van de evenementensector te ondersteunen worden de patronale RSZ-bijdragen voor werknemers verminderd. Er wordt momenteel nog overleg gepleegd over de concrete modaliteiten hiervan.
  • Om ondernemingen meer ademruimte te geven inzake hun liquiditeitspositie, worden de decembervoorschotten voor de bedrijfsvoorheffing (december 2021) afgeschaft en pas verrekend in volgend boekjaar (2022).

Van zodra deze in wetgeving verankerd zijn en/of de juiste modaliteiten verder bekend worden, nemen we deze op in de rubrieken hieronder.

  1. Federale maatregelen inzake tewerkstelling
  2. RSZ-Bijdragen.
  3. Federale fiscale maatregelen
  4. Flexibiliteit bij de uitvoering van federale overheidsopdrachten
  5. Maatregelen vanuit de Vlaamse overheid

1. Federale maatregelen inzake tewerkstelling

Tijdelijke werkloosheid door overmacht

Tijdelijke werkloosheid door overmacht (voor werknemers) wordt apart besproken in de rubriek tijdelijke werkloosheid. De maatregelen voor zelfstandigen (bedrijfsleiders) worden besproken in de rubriek ‘hulpmaatregelen voor zelfstandigen’.

2. RSZ-Bijdragen.

A. Minnelijke afbetalingsplannen

Werkgevers kunnen een minnelijk afbetalingsplan aanvragen voor de bijdragen voor het 1e en het 2e kwartaal van 2021 net als voor de bijdrage voor de jaarlijkse vakantie (vakantiejaar 2020). Deze maatregel was reeds van kracht voor de 4 kwartalen van 2020 en wordt nu dus verlengd.

B. Vrijstelling van de RSZ-werkgeversbijdrage voor het derde kwartaal

Voor de horeca en de evenementensector werd al eerder beslist een compensatie toe te kennen voor de RSZ-werkgeversbijdragen voor het derde kwartaal van 2020. Deze regeling wordt nu uitgebreid naar alle sectoren die verplicht moeten sluiten als gevolg van de Ministeriële Besluiten van 28 oktober en 1 november 2020. Omdat deze bijdragen normaal gezien al betaald zijn, zal de compensatie gebeuren via een creditnota van de RSZ. Per onderneming wordt een plafond voor het totale vrijstellingsbedrag gehanteerd. Ook voor toeleveranciers van de gesloten sectoren, geldt deze maatregel. Tenminste, wanneer zij kunnen aantonen dat zij een omzetverlies hebben geleden van 65%.

C. Compensatie RSZ-bijdragen toeleveranciers.

Er werd een nieuwe compensatieregeling uitgewerkt voor de toeleveranciers van ondernemingen die op basis van de ministeriële besluiten van 28/10/2020 en 01/11/2020 verplicht moesten sluiten.

Wat omvat de compensatieregeling?

Deze regeling voorziet in een compensatie die gelijk is aan de verschuldigde netto patronale basisbijdragen en de patronale solidariteitsbijdrage voor studenten voor hetzij het 1e kwartaal 2020, hetzij het 3e kwartaal 2020, waarbij het meest gunstige bedrag van de twee zal worden toegekend.

Wie komt hiervoor in aanmerking?

Het gaat over werkgevers uit de privé-sector, die nog actief zijn op het einde van het derde kwartaal 2020 én die toeleverancier zijn van ondernemingen die verplicht hebben moeten sluiten. Er moet een rechtstreeks verband zijn tussen de toeleverancier en de onderneming die verplicht moest sluiten.

Algemene voorwaarden

Om deze maatregel te kunnen genieten (wanneer spreekt men over ‘toeleverancier’) moeten de werkgevers in 2019 een omzet hebben behaald die voor minstens 20% resulteerde uit goederen en/of diensten, geleverd aan de bedrijven die op basis van de ministeriële besluiten van 28 oktober 2020 en 1 november 2020 verplicht moesten sluiten. Ondernemingen die hun activiteiten in 2020 hebben aangevat, moeten in 2020 een omzet behalen die voor minstens 20% resulteert uit goederen en/of diensten, geleverd aan de bovenvermelde bedrijven die voor het publiek gesloten zijn.

Werkgevers die deze premie aanvragen, moeten voor de RSZ bewijsstukken ter beschikking houden van het feit dat ze leveren aan de bedrijven die verplicht hebben moeten sluiten voor het publiek, voor minstens 20% van hun omzet van 2019 of 2020, al naargelang het geval.

Categorie 1: Btw-plichtige werkgevers die een periodieke Btw-aangifte indienen.

Naast de hierboven beschreven 20% regel, dienen zij in het tweede kwartaal van 2020 een effectieve daling van minsten 65% van de omzet te hebben ten opzichte van de omzet voor het 2e kwartaal van 2019 of het 1ste kwartaal van 2020. (dit moet blijken uit de Btw-aangiften)

Categorie 2: BTW-plichtige werkgevers die geen periodieke BTW-aangiften indienen.

Het betreft hier kleine ondernemingen die hebben geopteerd voor de vrijstellingsregeling (omzet kleiner dan 25000 euro per jaar), ondernemingen die onder een bijzondere landbouwregeling vallen, ondernemingen die deel uitmaken van een BTW-eenheid dit de BTW-aangiften uitvoert voor de volledige eenheid). Naast de hierboven beschreven algemene 20% regel, dienen zij in het tweede kwartaal van 2020 een effectieve daling te hebben van minstens 65% van de bij de RSZ aangegeven loonmassa ten opzichte van het tweede kwartaal van 2019 of het 1ste kwartaal van 2020.

Categorie 3: werkgevers die niet BTW-plichtig zijn

Naast de hierboven beschreven algemene 20% regel, dienen zij in het tweede kwartaal van 2020 een effectieve daling te hebben van minstens 65% van de bij de RSZ aangegeven loonmassa ten opzichte van het tweede kwartaal van 2019 of het 1ste kwartaal van 2020 (of in het 4de kwartaal 2020 ten opzichte van het 4de kwartaal 2019 of het 3de kwartaal 2020.

Stappenplan:

Stap 1. Aanvraag van de premie.

De aanvraag van deze premie bij de RSZ gebeurt via een online toepassing.

Stap 2: Verzending van een ontvangstbevestiging van de aanvraag

Werkgevers die een aanvraag van de premie 'toeleverancier' bij de RSZ hebben ingediend, ontvangen in hun e-box een elektronisch overzicht van hun aanvraag.

Stap 3: Berekening van het bedrag van de premie

Na de controle van de voorwaarden voor de toekenning van de premie, zal de RSZ het bedrag berekenen voor de werkgevers die er recht op hebben.

Stap 4: Mededeling aan de werkgever van het recht op de premie en het bedrag

Stap 5: Storting van de premie op de werkgeversrekening bij de RSZ

Voor werkgevers die recht hebben op de premie op basis van de daling van hun omzet of loonmassa in het 2de kwartaal 2020 stort de RSZ zo snel mogelijk het bedrag van de premie op de rekening van de werkgever bij de RSZ.

De premie zal in eerste instantie worden aangewend om de bijdragen voor het 1ste kwartaal 2021 en vervolgens om de eventuele andere verschuldigde bedragen te betalen. Ze zal hierbij eerst op de oudste schuld worden toegerekend. Indien er na toerekening een saldo overblijft, kan de werkgever om de uitbetaling ervan verzoeken. Wanneer de werkgever niet om uitbetaling verzoekt, zal het saldo worden aangewend voor de eerstvolgende bedragen die aan de RSZ verschuldigd zijn.

Voor werkgevers die recht hebben op de premie op basis van de daling van hun omzet of loonmassa in het 4de kwartaal 2020, stort de RSZ, zodra dit mogelijk is, het bedrag van de premie op de rekening van de werkgever bij de RSZ.

De premie zal in eerste instantie worden aangewend om de bijdragen voor het 2de kwartaal 2021 en vervolgens om de eventuele andere verschuldigde bedragen te betalen. Ze zal hierbij eerst op de oudste schuld worden toegerekend, overeenkomstig artikel 25 van de wet van 27 juni 1969. Indien er na toerekening een saldo overblijft, kan de werkgever om de uitbetaling ervan verzoeken. Wanneer de werkgever niet om uitbetaling verzoekt, zal het saldo worden aangewend voor de eerstvolgende bedragen die aan de RSZ verschuldigd zijn.

D. Uitbreiding van het aantal uren studentenarbeid in de zorg en in het onderwijs.

Om het mogelijk te maken waar nodig een beroep te doen op studentenarbeid in de zorgsector en in het onderwijs, heeft de regering beslist om de mogelijkheid om studenten in te zetten, uit te breiden. Daarom zullen de uren die een student presteert in deze sectoren tijdens het vierde kwartaal van 2020 en het eerste kwartaal van 2021 niet meetellen voor het contingent van 475 uren per kalenderjaar.

Ook indien de student zijn contingent reeds opgebruikt zou hebben vóór het vierde kwartaal 2020, kan hij in 2020 dus nog met toepassing van de voordelige solidariteitsbijdrage tewerkgesteld worden in de sectoren van de zorg en het onderwijs. 

De onlineteller waarbij het resterend aantal uren in het contingent kan worden geconsulteerd, zal door de RSZ worden aangepast ten laatste op 13 november (voor de reeds verstreken periode sinds 1 oktober 2020).

De uren die door studenten gepresteerd worden in de zorg en het onderwijs zullen verder géén impact hebben op de onlineteller gedurende het vierde kwartaal 2020 en het eerste kwartaal 2021.

3. Federale fiscale maatregelen

Vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing in het kader van opleidingen

 

De overheid voert een nieuwe vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing in, dit om werkgevers aan te moedigen hun werknemers meer opleidingen te laten volgen,  Die nieuwe vrijstelling zou van start gaan op 1 januari 2021.

 

De werkgever dient wel aan een aantal voorwaarden te voldoen. Meer concreet gaat het over:

 De vrijstelling bedraagt 11,75 % en wordt berekend op een geplafonneerd loon in de maand waarin de opleiding plaatsvond.

Wanneer de opleiding zich echter uitstrekt over twee verschillende kalendermaanden, dan zal enkel het loon in aanmerking worden genomen van de maand waarin de opleiding eindigt.

4. Flexibiliteit bij de uitvoering van federale overheidsopdrachten;

Voor alle federale overheidsopdrachten zal de federale staat geen boetes of sancties opleggen aan dienstverleners, bedrijven of zelfstandigen, voor zover wordt aangetoond dat de vertraging of niet-uitvoering te wijten is aan Covid-19.

5. Maatregelen vanuit de Vlaamse overheid

Algemeen: de steunmaatregelen die de gemeenschappen en gewesten nemen in het kader van de coronacrisis zullen belastingvrij zijn in de personen- en vennootschapsbelasting

Op vrijdag 13 november kondigde de Vlaamse Regering enkele Ondernemingen die verplicht moeten sluiten, krijgen automatisch toegang tot het Vlaams beschermingsmechanisme. Zij moeten geen omzetverlies aantonen. Het steunbedrag is bedraagt 10% van de omzet die de onderneming had in dezelfde periode in 2019.

Zaken die niet verplicht gesloten zijn, hebben ook recht op de steun bij een omzetverlies van minstens 60 procent. Voor ondernemingen die nog geen jaar oud zijn wordt een andere vergelijkbare periode met omzetverlies in rekening gebracht of wordt gekeken naar het financiële plan.  Het Vlaams beschermingsmechanisme zal in twee periodes mogelijk zijn.

 

Voor de eerste periode was het al zo dat café’s en restaurants die verplicht gesloten zijn een keuze kunnen maken tussen een steun van 10% voor de sluitingsperiode sinds &9 oktober waarvoor ze geen omzetverlies moeten aantonen. Of 10% van de normale omzet tijdens de periode van 1 oktober tot 15 november waarvoor ze wel 60% omzetverlies moeten aantonen. Nu komt daar dus een tweede periode bij van 16 november tot 31 december.

De aanvraag voor de eerste periode kan ingediend worden vanaf maandag 16 november via de website van VLAIO.
Voor kleine ondernemingen komt er een minimumbedrag van 1.000 euro steun voor de periode van anderhalve maand. Voor ondernemingen met 50 werknemers of meer is er een extra maximumplafond van 60.000 euro voor de periode van anderhalve maand.

De regering heeft ook beslist om de handelshuurlening verder te verlengen tot maart 2021. Eerder was de deadline voor aanvragen al opgeschoven van 1 oktober naar 1 december. Maar omdat de crisis blijft aanhouden schuift die datum door naar 1 maart 2021.

De globalisatiepremie

Wanneer je onderneming in 2020 door de corona-crisis minstens 70% of 90% omzetverlies heeft geleden, dan komt jouw onderneming in aanmerking voor deze nieuwe steunmaatregel. De steunmaatregel geldt voor alle sectoren, waarbij het niet uitmaakt of je de voorbije maanden al gebruik hebt gemaakt van andere steunmaatregelen. De ontvangen premies kunnen echter wel verrekend worden met de steun die je kan krijgen in het kader van deze globalisatiepremie. Voorwaarden: de onderneming moet in de laatste 3 kwartalen van 2020 minstens 70 of 90% omzetverlies geleden hebben. De premie omvat 10% van de omzet in diezelfde periode. De premie kan binnenkort aangevraagd worden via de website van VLAIO.

Voor een overzicht van de afgelopen maatregelen: klik hier.

Boekhouder of accountant? Ontdek onze aanpak hier

Nieuws

Uw aanvraag werd geregistreerd

Wij hebben uw opleidingsaanvraag genoteerd. U ontvangt dadelijk een e-mail met de nodige gegevens.

Uw e-mail werd verstuurd

We hebben een e-mail naar het opgegeven e-mailadres verstuurd. Ontvangt u deze mail niet, neem dan contact met ons op via info@sodiwe.be.

Uw aanvraag werd geregistreerd

Wij hebben uw opleidingsaanvraag genoteerd en contacteren u zo snel mogelijk.

Uw vraag werd verstuurd

Wij hebben uw vraag goed ontvangen en contacteren u zo snel mogelijk.

Inschrijving geregistreerd

Wij hebben uw inschrijving voor onze nieuwsbrief genoteerd. U ontvangt dadelijk een e-mail met de nodige gegevens.

Bericht verstuurd